Omzettingsvergunning - Appel Cor Verkade richting gemeenteraad
Aan de leden van de gemeenteraad
van de gemeente Utrecht
Postbus 16200
3500 CE UTRECHT
En de leden van de raadscommissie
Stedelijke Ontwikkeling
Betreft: kruispunt m.b.t. vergunning woonruimteonttrekking
Gouda, 30 mei 2009
Geachte gemeenteraadslid,
De gemeente Utrecht staat thans op een kruispunt m.b.t. de woonruimteonttrekkingproblematiek, waarbij er een drietal keuzemogelijkheden zijn.
De gemeente kan:
a) de plannen zoals geformuleerd in de beleidsnotitie van februari 2009 tot uitvoering brengen;
b) een generaal pardon voor de woningen die voor 27 januari 2007 (de datum dat gemeente Utrecht haar visie op de studentenkamerproblematiek gewijzigd heeft) aan de Utrechtse woonvoorraad onttrokken zijn, invoeren;
c) een bevriezingsperiode voor nader overleg en betere doordenking invoeren.
Nadat de gemeente bij twee verschillende rechterlijke instanties principiële procedures verloren heeft, heeft de wethouder een nieuwe beleidsnotitie gemaakt. Deze beleidsnotitie roept echter meer vragen op dan ze beantwoordt. Bij de raadsinformatieavond bleek zowel tijdens het inspreken als bij de borrel na afloop dat veel dingen zo vaag geformuleerd zijn dat raadsleden hele andere gedachten dan betrokken eigenaren hadden. Omdat het over heel veel verschillende soorten omgezette panden gaat en er zo veel verschillende soorten situaties zijn ontstaan, zijn er met veel gemak minstens 25 vragen te stellen waarover de rechterlijke macht zich moet gaan buigen, met alle rechtsonzekerheid en rechtsongelijkheid tot gevolg (in dit kader is het verbazingwekkend hoe zeer de Utrechtse ambtenarij ook zucht onder de beoogde regelgeving). Los van de principiële discussies als onterechte inperking van het eigendomsrecht en het handelen in strijd met de regels van behoorlijk bestuur, zal er - als de gemeente de plannen zoals in de beleidsnotitie verwoord, doorvoert – er een eindeloze stroom van juridische procedures op gang komen. Voorts moge duidelijk zijn dat het doorzetten van het door de beleidsnotitie beoogde beleid er niet toe leidt dat de gemeente snel en goede inzage krijgt in het gebruik van de Utrechtse panden. Ook leidt het doorzetten van dit beleid er niet toe dat er een splitsing komt in goede kamerverhuurders en in niet goede kamerverhuurders.
Een saillant detail met betrekking tot het beoogde beleid is het feit dat de huidige marktomstandigheden bewezen hebben dat één uitgangspunt totaal incorrect is. Omdat er te weinig starterswoningen zijn, moeten panden die minder dan € 183.000 waard zijn leeggemaakt worden (waardoor er dus meer studenten op straat komen te staan), zodat starters deze woning willen kopen. Momenteel staan er echter zo’n 700 woningen van die prijscategorie te koop, maar blijkt dat starters helemaal niet in de rij staan die woningen te kopen.
De door de gemeente Utrecht beoogde doelen worden naar mijn overtuiging veel beter gerealiseerd met een generaal pardon waarbij alle kamerverhuurders die voor 27 januari 2007 een pand omgezet hebben na melding van wie ze zijn, welke hun panden zijn en hoe de panden gebruikt worden, een generaal pardon-brief krijgen, identiek aan de handelwijze in 1990. Dit past ook naadloos bij hetgeen wethouder Harry Bosch afgelopen donderdag bij de raadsinformatieavond betoogde: nadrukkelijk gaf de wethouder aan dat hij met zijn nieuwe beleid het aantal kamers niet wilde terugdringen doch dat de groei tot stilstand moest worden gebracht. Deze doelstellingen bereikt hij echter beter met een generaal pardon dan met het beoogde beleid: bij een generaal pardon kan het gehele handhavingsapparaat gezet worden op de niet gemelde panden en nieuw te ontstane onttrokken panden. Bij doorzetting van het huidige beleid krijgt het ambtelijk apparaat en het handhavingsapparaat zo’n onoverzichtelijke stroom werk, dat er geen snel en adequaat antwoord kan zijn op nieuwe gevallen. In 1990 toen de omzettingsregels veel eenvoudiger waren, moest ondergetekende drie jaar wachten op een antwoord van de gemeente. Thans klagen ambtenaren over zeer grote stapels, terwijl er nog maar een zeer klein deel van de onttrokken huiseigenaren in actie gekomen is en de rechter nog maar 3 van de 25 zeer relevante vragen beantwoord heeft. Als de gemeente tot generaal pardon beslist kan de handhaving constructief met Vastgoedbelang en de organisatie van ondergetekende opgepakt worden, terwijl bij een andere keuze de energie van de ambtenarij, van Vastgoedbelang en van ons op minder constructieve wijze gebruikt wordt.
Het zou voor Utrecht en voor de Utrechtse bevolking goed zijn als er een scheiding zou komen tussen goede verhuurders en minder goede verhuurders. Bij een generaal pardon na melding zal deze scheiding vanzelf komen, omdat slechts mensen die niets te verbergen hebben zich melden, waarna het gemeentelijk apparaat in staat is de andere panden te gaan controleren. Omdat het gemeentelijk apparaat zonder deze schifting niet alle Utrechtse panden kan controleren, leidt het volvoeren van het beleid van de beleidsnotitie tot het omgekeerde van wat beoogd wordt.
In de laatste commissievergadering over dit thema (27 mei 2008) werd duidelijk dat een aantal politieke partijen het van het grootste belang vonden dat gemeente Utrecht weet wat er in de Utrechtse panden gebeurd. Die wetenschap ontstaat wel en snel bij een generaal pardon en ontstaat niet bij het beoogde omzettingsvergunningenbeleid.
In deze commissievergadering heb ik ook de wenselijkheid van een generaal pardon betoogd. Als ik goed geluisterd en gelezen heb, zijn er drie belangrijke motieven voor de zogeheten coulanceregeling te onderscheiden:
1) Het is wenselijk dat de gemeente weet welke panden kamersgewijs verhuurd moeten worden.
2) Het gaat de gemeente niet om het geldbedrag.
3) De wel netjes operende verhuurders dienen niet over één kam met de niet netjes opererende kamerverhuurders geschoren te worden.
Deze drie belangrijke gedachten leiden mijns inziens tot de eenduidige conclusie dat het het meest logisch is dat er een generaal pardon komt voor alle kamerverhuurders voor 27 januari 2007 een pand kamersgewijs zijn gaan verhuren.
Mocht uw college de stap van een generaal pardon een te vergaande vinden, dan zou ik u gaarne willen voorstellen de gehele problematiek te bevriezen tot er een nieuw college is. Het huidige college heeft nog weinig tijd om het beoogde beleid uit te voeren. De ambtenarij is niet klaar voor het huidige beleid. Bij de raadsinformatieavond van afgelopen woensdag werd pijnlijk duidelijk dat zowel drs. H. (Hein) Bos van Vastgoedbelang als ondergetekende het betreurde dat bij het nieuwe beleid geen contact gezocht is met de betrokken deskundigen op dit gebied te weten Vastgoedbelang en de particuliere verhuurders zelf. Op de vraag van PvdA-raadslid mevrouw Van Iperen aan Hein Bos of hij mogelijkheden zag om de problematiek (relatief korte wachttijden voor studentenkamers, relatief zeer lange wachttijden voor starterswoningen) op te lossen en wat hij daartoe zou doen, antwoordde Hein Bos dat hij graag in februari 2007 deze vraag van de gemeente Utrecht gehad had en dat zijn antwoord op die vraag dan een hele beleidsnotitie zou zijn geweest en dat hij zeker mogelijkheden zag om de problematiek op constructieve wijze aan te pakken (Hein Bos wees ook op zijn constructieve meedenken bij andere steden met soortgelijke problematieken).
Een bevriezing van het huidige beleid en een nieuwe doordenking van de problematiek met alle betrokkenen (het irriteert mij hoe vaak de naam van prof. Hooimeijer vanuit de gemeente ijdel gebruikt wordt, omdat hij heel ander beleid beoogde dan door de gemeente gesuggereerd wordt) kan ertoe leiden dat een nieuw college samen met Vastgoedbelang en de goede huiseigenaren wel helder en goed beleid gaat ontwikkelen in plaats van het huidige kat- en muisspel wat tot een zeer onoverzichtelijke gatenkaas geleid heeft.
De gemeente Utrecht staat met doorzetting van het beoogde beleid aan de vooravond van een eindeloze stroom juridische procedures en aan de vooravond van vele nu niet voorziene problemen waarbij uiteindelijk het omgekeerde in plaats van het beoogde effect zal ontstaan.
Eerder is op landelijk niveau te zien wat de gevolgen zijn als de onbeoogde gevolgen erger zijn dan de gedachte gevolgen van een beslissing. Te denken valt aan de taxibranchewetgeving (er moest een verbetering komen van de kwaliteit en een verlaging van de prijs, het omgekeerde geschiedde), de prostitutiewetgeving (de mensenhandel moest teruggedrongen worden, het omgekeerde geschiedde), de openbaarmaking van salarissen van topmanagers (de openbaarmaking moest tot een soort schaamte voor het grote graaien leiden, het omgekeerde geschiedde: de topmanagers wilden meer dan collega’s verdienen).
U goede Pinksterdagen toewensend en hopend op een voor de universiteitsstad Utrecht gunstige beslissing uwerzijds, namens een honderdvijftigtal bezorgde kamerverhuurders,
Cor Verkade, Krugerlaan 78, 2806 EL Gouda,
Tel. 0182-550825 (b.g.g. 06-51 0 51 51 9); E-mail: verkade@vandamvandamverkade.com
